De dichter aan het woord. 

 

Ik kan nog niet geboren zijn.

De hemel zet zich in mijn voorhoofd voort,
Een vlies dat tot mijn groei behoort.

Mijn voeten dansen in de pijn

die baren heet, zie hoe ik hang

aan snoeren, levenslang.

Een groot mariablauw

Volmaakt mij binnen deze vrouw.

G. Achterberg