Donner: als de meerderheid het wil moet het justitieel doodmartelen van kinderen kunnen.

In een artikel op de voorpagina van het AD (13 september 2006) wordt minister Donner aangehaald die in het boek Haat en Nijd van Margalith Kleijwegt en Max van Wezel gezegd zou hebben dat als tweederde van de Nederlanders morgen de sharia wil invoeren dat moet kunnen. Het zou een schande zijn te zeggen “dat mag niet”, “de meerderheid telt”. Nu lijkt me dat Donner een rechtenopleiding heeft gehad en dat je van hem een subtieler begrip van democratie mag verwachten dan “de meerderheid telt”. Er is ook nog zoiets als de bescherming van de rechten en vrijheden van minderheden en de eerbiediging van de Rechten van de Mens. Dit nog afgezien van de vraag of Donner 30 jaar geleden zou hebben gezegd dat als 2/3 van Nederland het communisme wil invoeren, het een schande zou zijn als dat niet zou kunnen. Iedereen weet dat dat niet gekund zou hebben, omdat dan onze grote bondgenoot zou hebben ingegrepen. Vervolgens wordt de aandacht afgeleid naar handen schudden, alsof het zou gaan om beleefdheidsgebaren of modevoorkeuren. Kijk, ook ik zou niet graag verplicht willen worden Verdonk een hand te geven, maar dat heeft niet direct een religieuze reden. Het is meer dat ik niets te maken wil hebben met mensen die 12-jarige meisjes in een situatie brengen waarin ze zich moeten prostitueren voor een paar Euro’s en die hun ‘vrienden’ spreekwoordelijk althans met een mes in de rug neersteken.

Misschien kan ik mijn punt het best als volgt duidelijk maken. Hitler kwam democratisch aan de macht. Volgens Donners redenering zou het dan een schande zijn als wij van het beleid dat bruut 6 miljoen joden en zigeuners vergaste en anderszins vermoordde zouden zeggen “dat mag niet”, want “de meerderheid telt”. En joden en zigeuners waren niet in de meerderheid. Nou dan!

Via media en NGO’s, zoals Amnesty, zijn we inmiddels over de zegeningen van de sharia voldoende geïnformeerd om nog te kunnen zeggen “wir haben es nicht gewüsst”. We weten van de al dan niet uitgevoerde stenigingen van zwangere vrouwen in Nigeria. Van doodvonnisen voor praktizerende homoseksuelen en doodvonnisen voor minderjarige meisjes omdat ze iets met ‘seks’ hebben gehad. In Iran is stenigen van meisjes vanaf 9 jaar in beginsel wettelijk mogelijk. Doodstraffen staan op beschuldigingen van daden die in westerse democratieën niet eens als overtreding beboet zouden kunnen worden. En voor zover het wel om strafbare feiten gaat, is de strafvoltrekking barbaars en in strijd met de menselijke waardigheid. In feite impliceert sharia het sanctioneren van misdaden tegen de menselijkheid. Het Parool maakte een aantal jaren geleden melding van het ophangen van een aantal minderjarige meisjes, voor “overtreding van de moraal”, met andere woorden: ze hadden seks gehad buiten het huwelijk. Een incestslachtoffertje van 13 (Zhila Izadyar) werd waarschijnlijk dood gegeseld, omdat de verleiding per definitie altijd van het vrouwelijke uitgaat. En dat nog onder het bewind van de gematigde Khatami. Een schande als het niet zou kunnen als 2/3 meerderheid dat wil. Voor de goede orde: dit waren gerechtelijke straffen.

Wie vindt dat deze dingen moeten kunnen gooit 3000 jaar menselijke geschiedenis overboord.

Onder het mom van respect voor andermans gewoonten wordt het respect voor andermans leven, rechten en vrijheden bij het vuilnis gezet. Het past in een angstwekkende tendens naar steeds grotere gewelddadigheid, niet alleen onder extreme moslims, maar ook onder liberalen, christenen, socialisten en wat al niet meer. Normen die vijftig jaar geleden, behoudens gebieden waar “de beschaving” nog niet was doorgedrongen, universeel werden aangehangen, worden nu betiteld als culturele idiosyncrasieën. Vergeet niet dat indertijd de hele moslimwereld de verklaring van de rechten van de mens heeft ondertekend.

Het beroep op respect voor andermans religie is daarom hypocriet. Door het label “islam” te plakken op barbaarse en moordzuchtige praktijken, probeert men deze schijnbaar religieus te heiligen. Maar wellicht volgen deze praktijken eerder Rambo, Rocky en Schwarzenegger dan de profeet. Wie zegt eigenlijk dat de sharia, zoals we die zien in landen als Iran en Somalië de islam is? Die stelling is niets meer dan de succesvolle propaganda van een aantal fascistische regimes.

Enerzijds is het een theoretische kwestie wat we moeten doen bij een tweederde meerderheid voor de sharia. Dat zal tegen die tijd die tweederde meerderheid wel bepalen en niet die eenderde minderheid. Anderzijds is het een volstrekte lafheid en perversiteit al bij voorbaat je eigen dochter voor steniging aan te bieden, zelfs nog voor de bloeddorstige meute voor je deur staat. Er zijn juridisch nl. wel degelijk zwaarwegende argumenten om ijveraars voor afschaffing van het vigerende seculier rechtsbestel het passief kiesrecht te ontzeggen. Dit is mogelijk en ook gewenst. We hebben niet slechts het morele recht maar zelfs de plicht om alles te doen wat we kunnen om een stelsel van systematische moordpartijen en andere mensenrechtenschendingen onmogelijk te maken. Onder de sharia komen in beginsel alle rechten van minderheden (en daaronder moeten we nu dus onszelf verstaan: humanisten, christenen, joden, socialisten, boeddhisten, hindoes en zelfs liberale moslims), zoals vrijheid van meningsuiting, vrijheid van godsdienst, gelijke rechten voor mannen en vrouwen, vrijheid van seksuele omgang onder volwassenen bij wederzijdse instemming, te vervallen, zoals ik al stelde, de vooruitgang van drie millennia. Minderheden mogen op hun knieën dankbaar zijn als ze de gunst van een gedoogstatus krijgen. Zoals de sharia nu in sommige landen geïmplementeerd is, is die volgens onze huidige wetgeving misdadig, zelfs in de extreme zin van misdaden tegen de menselijkheid. Je kunt en mag een parlementaire vertegenwoordiging van een dergelijke misdadige beweging verbieden. Vrijheid van religie is nooit bedoeld als de vrijheid mensen waar je het niet mee eens bent te vermoorden, zelfs niet als de vrijheid ze het leven onmogelijk te maken. Dan kunnen we een kannibalisme en koppensnelpartij ook wel in het parlement zetten.

Sharia kan naar zijn aard geen partij zijn in ons politieke stelsel, omdat het de rechtmatigheid van dit stelsel niet erkent. Het probleem zal al beginnen met het afleggen van de parlementaire eed. Die kan een sharia-aanhanger eigenlijk niet zweren, want hij erkent het seculiere stelsel niet waarbinnen die eed geldt. Hij erkent de gelijkwaardigheid van de andere partijen niet. En hij kan zich midden in het parlement opblazen om zijn eisen kracht bij te zetten.

In mijn pas verschenen boek “The Lotus and the Sword” stel ik dat sommige mensen zo bang zijn voor ‘politiek incorrect’ door te gaan dat ze bereid zijn hun verstand er voor te offeren. Goed, Donner is dus een van hen.

Vreemd genoeg heb ik het gevoel, dat de morele verontwaardiging die sommige moslims aangrijpt en waarin ze soms tot het uiterste extreem doorslaan, zó dat ze iedere morele verantwoordelijkheid juist vernietigen, zijn evenknie vindt in het uitgeholde morele besef van het westen. Het westen  kletst veel over “normen en waarden” maar belichaamt geen enkele. Voor alles wat het daglicht niet kan zien knijpt het de ogen dicht. Men durft geen enkele waarde te handhaven. Alles wat geld oplevert mag. En als er al iemand is die bepaalde praktijken aan de orde stelt, of die alleen maar verantwoordelijkheid neemt, dat loopt hij snel het risico te worden beschuldigd van discriminatie. Ik kan mij b.v. herinneren dat in het begin van de opkomst van AIDS, toen er nog geen AIDS-test was, een directeur van de bloedbank in Utrecht bloed weigerde van homoseksuelen. De hele homoseksuele wereld stond op zijn kop. Men eiste het recht anderen dodelijk te kunnen besmetten. Het was immers een feit dat toentertijd AIDS nog vrijwel uitsluitend voorkwam onder homoseksuelen. De directeur in kwestie, heeft, in tegenstelling tot laffe collega’s elders, door zijn moedig gedrag levens gered. Maar voor dit durven nemen van verantwoordelijkheid trof hem alleen verwijt. Vandaag de dag treft men overal winkeltjes, en zelfs zich eerbiedwaardig voordoende instituten waar labiele personen zich door louche amateurs of artsen onherstelbaar kunnen laten verminken. Maar een Kamer die louche piercepraktijken althans voor minderjarigen enigszins aan banden probeert te leggen, stuit op Donner die dit niet haalbaar vindt. Zou “geen medische ingreep zonder medische noodzaak” niet in de lijn van de eed van Hippocrates liggen? Diezelfde Donner weigert zaken van mensen die vrijwel zeker onschuldig veroordeeld zijn te heropenen en weigert ook mensen (Volkert) die mogelijk schuldig zijn aan onopgeloste moorden in staat van beschuldiging te stellen of zelfs maar de zaak te heropenen. Hier hebben we duidelijk iemand zonder enig besef van verantwoordelijkheid.

Onlangs beëindigde ik mijn abonnement op het Parool. Directe aanleiding was voor mij het reclameruimte bieden aan genoemde verminkingsinstituten. De druppel was een artikel, door mij opgevat als een advertorial, waarin o.a. een meisje van 18 met mama bij de dokter komt voor een paar grote tieten. Het was niet alleen mijn verbijstering over het feit dat zo’n arts niet zegt: “kind dat doe ik niet en u mevrouw bent ook niet goed snik dat u haar dat niet uit het hoofd praat en er voor betaalt, want er mankeert niets aan haar tieten en over 15 jaar moeten ze er weer uit en over 30, 45, 60 jaar (als ze dat al haalt) weer, dus er moet haar hele verdere leven in haar gesneden blijven worden, en als daar later geen gelegenheid toe is dan krijgt ze de grootste ellende”. Nee, alle misdadigheid mag als het geld oplevert. Ik had nog niet gewezen op de gevaren van liposuctie, of het Parool was gedwongen om melding te maken van het eerste dodelijke slachtoffer in Nederland. Met andere woorden, in het westen bestaat net zo min meer enig respect voor menselijke waardigheid of leven. Maar ik neem aan dat het juist dit soort dingen zijn die de moslimwereld, in mijn ogen terecht, weerzin inboezemen en die de drempel tot het geweld verlagen. Maar daaruit worden verkeerde conclusies getrokken, nl. het kwade Westen met Bush tegen de arme onschuldige Palestijnen, Afghanen en Irakezen in het Oosten. Beide partijen moorden om het hardst. Vader Bush heeft Bin Laden groot gemaakt. Ahmadinejad schrijft diens zoon een brief. “Geloven we niet beiden in het laatste oordeel? Kom dans met mij samen de apocalypso”. Het zijn de machtsgekken tegen een verbijsterde bevolking. Mensen, voor zover ze nog enig humaan besef hebben, zouden daar niet in moeten trappen, ophitsende pseudo-religieuze wartaal moeten negeren, en zich moeten dwingen tot nuchterheid en menselijkheid. Je kunt ook protesteren door medewerking te weigeren en door te gaan met het doen van die dingen die het welzijn bevorderen. Laat de heren zelf maar een plekje in de woestijn zoeken als ze elkaar willen afmaken. Maar wel ver van de bewoonde wereld.

Een paar jaar geleden zaten vóór mij in de bus een paar Marokkaanse jongens. Een van hen was in Marrakech of Casablanca geweest. De klassentegenstellingen die hij daar zag, het verschil tussen arm en rijk, dat was echt extreem, zei hij tegen de ander. Je zag het in Nederland soms ook wel gek, maar zó gek toch niet.

Als we ons sociaal en juridisch fatsoen, al was het maar op het halfzachte en armoedige niveau van de jaren 70 zouden hebben gehandhaafd, zou niemand in staat zijn dat niet te zien. Niemand zou in staat zijn dat niet te respecteren, al zou hij dat willen.

Alfred Scheepers, Amsterdam 13 september 2006