Kunst
en literatuur gaan samen bij Mamia Malazonia. Met gouache op papier
of paneel creëert hij literaire beelden; met beeld en schrift vertelt
hij een verhaal, meestal op een formaat van ongeveer een A3 pagina.
Het zijn verhalen van schrijvers van naam, onder wie Boccaccio, Goethe,
Ibsen, Gogol, Apollinaire, Nabokov, Ionesco, en zij vormen "Het
grote album van de klassieke literatuur", waaraan Malazonia sinds
1976 werkt.
Je leest en kijkt, en ziet steeds meer details in de complexe eenvoud,
en nog meer taferelen in details. Je zou met de illustraties een literaire
quiz kunnen beginnen en bij elke afbeelding vragen: om welk boek of
verhaal gaat hiet hier? Of, je kunt kijkend naar de beelden een boek
opnieuw gaan lezen, de poëzie opnieuw beleven maar nu door de hand
en de ogen van Malazonia.
Ondervind de heel eigen sfeer in de serie De man
in het pantervel, geschilderd naar het epos van de middeleeuwse
dichter Sjota Roestaveli, gemaakt in 1997.
Malazonia staat in de traditie van de middeleeuwse miniatuurschilderkunst,
met haar religieuze, literaire, en wetenschappelijke verluchte manuscripten.
Een voorbeeld daarvan is de serie Het leven van
Jezus Christus, gereproduceerd in een luxe bibliofiele uitgave
met een genummerde oplage, een beeldverhaal met tekst van het Nieuwe
Testament in Malazonia's eigen handschrift en gemaakt ter gelegenheid
van de viering van tweeduizend jaar christendom in 1996.
De serie Psalmen uit 1999
met beeld en geschreven tekst is eigenlijk een getijdenboek,
bedoeld om uit te bidden of om bij te mediteren.
Filosoof dr David Andriadze schreef in een catalogus van een expositie
van Malazonia's schilderijen te Moskou in 2004 over de stijlen die in
Malazonia's werk zijn te onderscheiden. Hij noemt die van de primitieven
van de Romantiek, de religieuze lyriek van Giotto en de "kinderlijke"
stijl van Klee en Chagall. Voeg daaraan nog de naïeve kunst toe.
Denk aan Rousseau le Douanier en Niko Pirosmani, kunstenaars met een
eigen vormentaal en techniek, een eigen werkelijkheid en voorstellingwereld.
Mamia Malazonia werd in 1936 in Makharadze (Ozoergeti) in Goerië
geboren. In 1962 behaalde hij zijn diploma aan de Academie van Beeldende
Kunsten in Tbilisi, afdeling theater- en schilderkunst, waarna een vruchtbare
loopbaan begon als vormgever van theater- en opera-decors, van animatie-
en speelfilms. Malazonia ontwierp voor meer dan honderdvijftig voorstellingen
in diverse theaters, zowel in Georgië als in andere landen en werkte
daarbij samen met theater- en operaregisseurs als Michael Chiaureli,
Michael Tumanishvili, Vakhtang Chabukiani, Dmitri Aleksidze en Robert
Sturua.
In 1976 werd Malazonia hoofd van de ontwerp-afdeling van het Paliashvili
Opera- en Ballettheater. In 1980 kreeg hij een nationale onderscheiding
en in 1983 werd Malazonia tot ere-kunstenaar van Georgië uitgeroepen.
In datzelfde jaar werd hij hoofd van de Studio Animatiefilm aan de Academie
van Beeldende Kunsten in Tbilisi en in 2001 hoofd van de afdeling Schilderkunst
aan de Universiteit voor Theater- en Filmkunst. In 2003 ontving Malazonia
de nationale Sjota Roestaveli-prijs voor de tentoonstelling "Het
grote album van de klassieke literatuur" in Tbilisi (zie afbeeldingen
daaruit hiernaast en hieronder).
 
Links:
Het verhaal van een stad,
Saltikov-Sjchedrin, 1998
Boven:
De neus, Gogol, 2004
|

Mamia
Malazonia op het balkon van zijn huis in Tbilisi

Decamerone,
Boccaccio, 1997

Das
Leiden des jungen Werthers, Goethe, 1997

Het
boek van wijsheid en leugen, Soelkhan-Saba Orbeliani, 1993
|