Vakantie Australie 2007

Ga naar

Reisschema

Van 23 november tot 24 december zijn we op vakantie geweest in Australie (met enkele dagen in Singapore). We hebben een beschrijving gemaakt van wat we elke dag ongeveer hebben gedaan met foto's. Voorlopig zijn we nog wel enkele weken zoet om het verslag helemaal compleet te maken. Voor een overzicht van ons reisschema en de routekaart klik hier.
Of kijk hieronder naar het reisverslag en enkele korte stukjes film over Sydney en Ayers Rock.

 

27 en 28 november 2007

Sydney

Goed, we zijn dus om 00.30 gaan vliegen van Singapore en komen rond 11 uur aan in Sydney. Vliegtuig redelijk leeg dus met z'n tweeen hebben we drie stoelen. Slapen lukt niet dus we zijn redelijk gaar als we in Sydney aankomen. Janna gaat even een middagnap in het hotel doen (ligt vlak naast een treinstation) en ik ga er op uit om een stekker te kopen (kon je niet in NL krijgen). Had beloofd om binnen een uur weer terug te zijn maar het werd iets later. Ondertussen ben ik in de wijk The Rock (oorspronkelijke begin van Sydney) geweest en natuurlijk langs de haven met zicht op het Opera-gebouw.

 

Als ik daarna Janna ophaal gaan we opnieuw naar The Rock om te lunchen (rond 15.30) en begint het te regenen. Even wachten dus voor we verder gaan. Daarna gaan we de haven en wandelen we naar de Opera toe. Veel verschillende culturen in Sydney en een stuk drukker en rumoeriger als Singapore. We doen nog een korte koffiebreak bij Starbucks (wordt een gewoonte) en gaan naar het hotel om in slaap te vallen. Die avond eten we in de Australische pub van het Metropolitan Hotel waar je voor 10 A$ een steak met alles erop en eraan krijgt (ik neem de Barramundi: vis). Twee grote videoschermen en lekkere rockmuziek (en voetbal). 's Avonds weer naar de haven ofwel opnieuw het Operagebouw maar dan bij nacht en de eerste dag is alweer voorbij.

De tweede dag (het is woensdag)gaan we een tandje versnellen. We hebben een lijst die we willen zien. Eerst naar de botanische tuinen (ruikt erg lekker daar) en daarna naar het aangrenzende Art Gallery of New South Wales (museum dus) waar Hollandse meesters te vinden zijn maar ook Aboriginalkunst. Als we daar klaar zijn is het alweer 12.30 We kopen een daytripper waar je voor 16 A$ de hele dag onbeperkt kan reizen en nemen de ferry naar Manly. Wij zitten aan de zuidkant van de rivier en Manly ligt aan zee en je moet dus een heel eind de rivier over. Is een mooie boottocht en het weer is vandaag ook goed. In Manly heb je een mooie scenic walk van 9 km langs rotsige klippen. We doen hier een klein stukje van en hebben hiervan langs de vele winkels en een deel van het strand gelopen.

We nemen de ferry terug om 14.45 terug naar Circular Quay (de haven waar we opgestapt zijn) en zijn daar een half uur later. We pakken de trein om nog wat kleding voor Janna te kopen op Pitt Street (veel winkelen hier) en lopen daarna teug naar het hotel om zwemkleding te pakken. We gaan de rest van de dag naar het hele bekende Bondi Beach. Het is inmiddels over vijven als we er zijn en inmiddels rond 19.30 als we een internetcafe induiken om de route op te zoeken naar ons autoverhuurkantoor voor morgen. En we schrijven er dit reisverhaaltje om 19.30.

29 en 30 november 2007

Blue Mountains en terug naar Sydney.

Donderdagochtend 29 november zijn we met de koffers gelopen naar het autoverhuurbedriijf. Mooie wandeling 's ochtends vroeg door Hyde Park. Uiteindelijk reden we tegen elven door hartje Sydney naar het oosten. Je rijdt weliswaar al gauw op de snelweg maar ongeveer na elke kilometer is er wel een stoplicht. Ook viel het ons op dat de snelheidslimieten hier vrij laag zijn: veel 80 en 90. Af en toe 100 en op de top 110. We waren daarom ook pas om 13.30 uur in Katoomba, zeg maar de centrale plaats in de Blue Mountains

Ons hotel lag een km of 5 noordwaarts dus we gingen daar eerst onze koffers droppen en daarna richting de eerste attracties: de Three Sisters en Echo Point. Veel Aziatische toeristen hier en een leuk begin. De three sisters zijn een drietal pieken van een bergkam dus je bent hier na een kwartiertje wel klaar. Er rijdt trouwens een bus waar je voor weinig geld langs alle attracties kan. Gewoon eruit en er weer in. Daarna nog wat eenvoudige watervallen bekeken en daarna naar Scenic World waar ze hebben: 1. een flyway, 2. railway, 3. cable way en 4. walkway. We gaan met, volgens henzelf meeste steile, trein omlaag 50% helling) en wandelen daarna door het woud. Vroeger hadden ze hier mijnbouw en er is een hele excursietocht van gemaakt met om de honderd meter een overblijfsel plus tekstbord. Er scheen trouwens in 2006 hier een enorme bosbrand geweest te zijn die een groot deel van het gebied heeft verwoest. Je ziet dan ook veel zwartgeblakerde bomen waar inmiddels weer verse toppen bovenop gegroeid zijn. Na de wandeling gaan we met de kabelbaan omhoog. Die flyway laten we zitten (gaat loodrecht horizontaal boven een ravijn en weer terug). Daarna een koffiebreak en naar het plaatsje Blackheat waar volgens de LP de mooiste uitzichtpunten zijn: Evan's lookout en Gosett Leap. Bij Evan's lookout zijn we de enigen die daar zijn (het is inmiddels rond 18 uur) en we zien nog een paar toekans (of die er op lijken). Als we bij Gosett Leap zijn begint het enorm te regenen. Wel heel spectaculair dat de dampen uit het ravijn omhoog komen. We eten 's avonds in Katoomba bij een Thais restaurant (is de enige waar het een beetje gezellig druk is) en we merken hieraan dat het eigenlijk nog redelijk laagseizoen is.

 

Op vrijdag gaan we weer terug naar Gosett Leap en het is droog maar er hangt wel veel mist. O ja, ons hotel ligt ook aan een ravijn met prachtige vergezichten vanuit onze hotelkamer. Het was die ochtend alleen te mistig om wat te zien. Bij Gosett Leap waren een aantal campers die lekker zaten te ontbijten. Gaan wij morgen ook doen. Bij Gosett Leap nog een korte wandeling door de natuur gemaakt en nu kwamen we voor de tweede keer in aanraking met vliegen die niet van je weg te krijgen zijn. Er hingen er denk ik een stuk of 30 op mijn kleding (en vaak op je hoofd en tegen je oren). Wat we ook deden: ze gaan niet weg. Na deze wandeling gingen we rijden: een mooie scenic route langs de noordkant (van Lithgow naar Richmond) en onderweg nog redelijk zwaar gelunched. Op de tafels lagen halve citroenen met een stuk of 10 kruidnagelen erin gestopt. Was volgens de bediening een goed middel tegen de vliegen. We hebben er niet heel veel van gemerkt. Tijdens het eten nog verscheidene vliegen de hele tijd. Daarna terug naar Sydney gereden en rond 16.30 weer de auto ingeleverd.

Van het autoverhuur lopend met de bagage naar ons nieuwe hotel op Pitt Street. Dit is een hele lange winkelstraat en vlakbij China Town en Darling Harbour. Dat zijn ook de twee attracties voor de rest van de dag. We hebben na de zware lunch toch eigenlijk geen trek in Aziatisch eten en bij Darling Harbour zitten de cafe's en restaurant bomvol: het is vrijdagavond en beregezellig hier. Weer een ander stukje van Sydney maar wel erg leuk. Barstensvol tentjes, gezelligheid op straat en veel winkels hier. De tijd gaat dus snel en Janna heeft om begrijpelijke redenen rusttijd nodig. Ik ga dus alvast inchecken voor onze 10 uur-vlucht naar Alice Springs morgenochten. Je krijgt geen tickets tegenwoordig meer dus die ben ik nu aan het printen.

 

1 t/m 7 december

Centraal Australie: de groene outback

We zitten op de laatste dag van onze kampeerweek in het centrum van Australie in de plaats Alice Springs (26.000 inwoners). Buiten deze plaats heb je geen GSM-signaal of radiozenders dus de outback, red center of dead heart zoals ze het hier noemen. Het was een hele leuke week. Wat we geleerd hebben is dat je niet veel doet maar de tijd op een of andere manier rap gaat.

Zo waren we om 11 uur aangekomen in Alice Springs, hadden om 2 uur de kamper en om 16.45 waren we klaar met boodschappen doen. Wat neem je zoal mee op een week: biefstuk om te BBQ-en, rijst voor de nasi, spaghetti, 12 liter water, cola, salade, fruit, brood, etc. Gelukkig hadden we een ijskast in de camper: op de foto van de folder leek het een mediumcamper maar het bleek dat we de grootste hadden die je voor 2 personen kunt krijgen. Maar goed, die eerste dag was dus eigenlijk zo voorbij voordat we er erg in hadden en we zijn daarom maar op een camping aan de rand van Alice Springs gaan staan. Goede faciliteiten, zwembad, BBQ's op gas die je gratis kon gebruiken, etc. Die eerste dag was het ook rond de 42 graden en dat is toch weer zo'n 18 graden warmer als we in Sydney hadden. De nacht was ook erg warm en moeilijk slapen. Gelukkig bleek dat ook de inwoners hier het die dag nogal heet hadden gevonden dus dat bood hoop voor de rest van de week. Gelukkig kregen we de volgende ochtend gratis pannekoeken (alleen op zondag) en konden we ervaringen uitwisselen met anderen (Nederlanders) die de hele toer die wij gingen doen al achter de rug hadden.

We zijn de volgende dag omstreeks 10.30 uur naar Uluru (425 km ofwel Ayers Rock) gereden op een eenbaanshighway door de leegte. Dachten we. Het was er eigenlijk redelijk groen met veel bomen en struiken. En dat op een mooie rode zanderige ondergrond. Aankomst daar was 16 uur en eerst tijd voor een bak goede koffie (Cafe Latte), het visitor centre bekijken, het zwembad in op de camping en daarna de prachtige zonsondergang bekijken (om 19.20) bij de rots. We konden onze camper op een sunset viewing point neerzetten naast ongeveer 80 andere auto's. Stoeltjes neerzetten, biertje erbij en genieten maar. We hebben hier ook ons avondeten gedaan: fruitsalade. En zo is de dag voorbij.

 

De volgende dag zijn we om 5 uur 's ochtends opgestaan om de zonsopgang hier te bekijken. Zelfde ritueel, iets minder mooi. Daarna enkele wandelingen bij de rots, het cultureel centrum bekijken en dan is het pas 8 uur 's ochtends om naar een nabijgelegen groep rotsen (Olga's) zo'n 30 km verderop te gaan voor enkele wandelingen. En daarmee hadden we deze attracties gehad. Je kan er makkelijk nog een dag vertoeven maar wij gingen verder naar Kings Canyon zo'n 300 km verder. Daar kwamen we aan op een hele lekkere camping met mooi uitzicht op de Canyon en hier net te laat om de hele zonsondergang te aanschouwen. We hebben de dag erna een tweetal korte wandelingen gemaakt.

Volgens ons schema zouden we nu doorgaan naar Glen Helen wat ligt in de West Macs (MacDonnell Ranges) maar de ongeplaveide weg hier naar toe is nu alleen voor 4WD (vanwege overstromingen drie weken geleden). We moeten dus omrijden via Alice Springs (dat al 450 km is) en camperen weer op ons adres van dag 1. Weer is het hier redelijk leeg op de camping, het lijkt nog erg laagseizoen. Deze keer kwamen we een stel Duitsers tegen die er al bijna 7 weken toeren op hadden zitten en geloof ik nu voor de achtste keer in Australie zijn.

Op de inmiddels vierde dag gaan we eerst naar de East Macs. Je hebt hier gorges (kloof), gaps (klein kloofje) en nog veel meer termen. We bekijken een aantal gaps met de namen: Jesse Gap of de Trephina Gorge. En zijn daar meestal de enigen. Lekker rustig en alles voor onszelf. Bij Trephina Gorge een mooie wandeling eerst aan de bovenkant van de kloof en daarna door de droge rivierbedding. Rare is dat er vaak een waterhole is waarin het water een hele tijd blijft staan, erg koud is en je er kan zwemmen (dus geen enge bacterien zoals in Afrika). Daarna zijn we naar de West Macs gegaan (ten westen van Alice Springs) met namen als Simson Gap, weer een waterhole en nog enkele mensen tegengekomen. Eind van de middag zijn we in Glen Helen dat zo'n 130 km van Alice Springs ligt. Het is hier heet en droog maar de campground ligt wel mooi tegen de bergkammen. Om 19 uur rijden we naar een uitzichtpunt voor de zonsondergang en dan blijk je iets anders te krijgen: donkere wolken en veel bliksem (af en toe regen). Wij terug naar de campground en vanuit de camper zitten kijken naar het bliksemen dat elke 2 seconden plaatsvond. Zelden zo'n mooi onweer gezien.

  >

De zesde dag zijn we de West Macs gaan bekijken op rustig tempo. Dat wil zeggen korte wandelingen en we besloten om onze laatste avond dan maar weer op de vertrouwde camping in Alice Springs (aankomst 16 uur) op te gaan zoeken. Daar kwamen we weer de Duitsers tegen, en met een boekje erbij nog lekker genieten van de rest van de dag. Deze keer nog een goede BBQ en de pech dat het die avond dus broeierig warm was (overdag 39 graden) en Janna nauwelijks kon slapen. En dat was haar geluk, want we hebben tot nu toe nog geen Kangaroos (er zijn er 100 miljoen hier) en Wallabies gezien. Maar ze bleken 's nachts dus gewoon over de camping te wandelen en Janna heeft er meerdere gezien waarbij er eentje op 2 meter afstand was. Onze laatste dag zitten we nu in een internetcafe dit verhaal te posten en gaan we nog onze laatste uurtjes opmaken voordat we om 16.40 vliegen naar Cairns.

8 t/m 10 december 2007

Regenwouden aan de oostkust: Cairns naar Cooktown

Vanuit het midden van Australie zijn we op vrijdagmiddag gevlogen naar Cairns, een toeristische badplaats aan de oostkust. We zouden om 16.40 gaan vliegen en dan om 19.15 landen. Eerst bleek dat onze vlucht een uur vertraging had omdat er in het noorden thunderstorms waren. Na een uur bleek dat er nog twee extra uren bijkwamen en op een gegeven moment was de vlucht opgeheven. Gelukkig konden we met een ander toestel mee dat ook 5 uur vertraging had maar dan moesten we eerst naar Ayers Rock vliegen (kwamen we net een week geleden vandaan). Eind van het verhaal was dat we om kwart voor twee 's nachts bij ons hotel in Cairns kwamen. We hadden de pincode van de kluis gekregen waar onze sleutel lag.

De volgende dag zijn we met onze 4WD langs de kust naar het noorden gereden waarbij we onderweg met een pont over de rivier (vol krokodillen) heengingen. Uiteindelijk hield de geasfalteerde weg op en toen konden we genieten van onze auto. Dwars door het regenwoud van het Daintree National Park en over de beroemde Bloomfield Track.

 

Het hele tripje is 250 km lang voordat we aankwamen bij onze eindbestemming van vandaag: Cooktown. Hier is Kapitein Cook (niet van de iglo-reklame) op een heuvel geklommen om te zien of er een begaanbare route was. Wij hebben op diezelfde heuvel gestaan en het uitzicht moet er bijna nog steeds zo hebben uitgezien. Cooktown heeft maar 1800 inwoners dus naast de mooie uitzichten, strandjes en baaien is hier niet veel te doen. We kwamen hier rond 16.30 uur en de rest dus Cooktown verkennen en relaxen.Die avond gegeten in een van de weinige tenten tussen de lokale bewoners en twee grote LCD-schermen en veel gokkasten. Het was overigens zaterdagavond en nog was het redelijk rustig.

 

De volgende dag zijn we weer zuidwaarts afgedaald langs de kust en door het regenwoud langs Cape Tribulation (waar Cook een lekke boot had)en verschillende wandelingen door het regenwoud. Tijdens het rijden kwamen we nog een mooi slang tegen die lag te zonnen op de weg. En tijdens een van de wandelingen kwamen we een casuwarie tegen, zeg maar een soort struisvogel met een korte nek. Heeft scheermessen op zijn poten waar die je lichaam in 1 keer kan openrijten.

Aan het eind van de dag zijn we geeindigd in Port Douglas dat aan zee ligt gelegen aan het in Australie heel bekende fourmilesbeach. Het strand is mooi met allemaal palmbomen ernaast. Ook de zee is mooi van kleur alleen in deze periode kan je er niet lekker een duik in nemen vanwege de meest dodelijke kwallen die hier dan zitten.Je moet dan in een stukje wat ze afgezet hebben met netten zwemmen, dus een zwembad in zee zeg maar.

Op maandagochtend zijn we naar Mosman gegaan waar een mooie wandeling en kloof is. Daar waren we om 11 uur klaar, overigens tot nu toe de drukste attractie die we tot nu toe gezien hebben. Daarna richting Cairns omdat ze daar een SkyRail hebben oftewel een kabelbaan boven het regenwoud en 7,5 km lang. Heen en terug ben je al 1,5 uur kwijt en je hebt nog tussenstaps waar je uit je gondel stapt en je kort door het woud kan lopen.

 

De rest van de dag zijn we in Cairns zelf gebleven (zo vanaf een uur of drie). Cairns ligt aan zee en heeft een mooie natuurlijke haven maar heeft zelf geen echt strand. In plaats daarvan hebben ze een enorm buitenzwembad op een zeer centrale plek neergezet met strandje, een park ernaast en BBQ-s die je kunt gebruiken. Gratis, aan een wandelboulevard en met uitzicht op zee. Dat alles zo netjes blijft en hier kan zegt dus wel wat over de aardige mentaliteit hier.

En ook nog leuk om te melden. Als je hier ergens gaat eten dan krijg je of een vlaggetje met een nummer eraan, of je moet je naam noemen. Als het klaar is roepen ze je nummer of je naam op en kun je het ophalen. Maar er is ook een elektronische versie. Vanavond at Janna een pizza en ik had een visschotel. We kregen twee elektronische apparaten mee. De ene had een rode stikker en was voor de pizza en de andere had een blauwe stikker. Als het apparaat buzzed dan kan je dus je eten ophalen.

11 december 2007

Great Barrier Reef.

Je kunt hier met ongeveer 80 maatschappijen naar het rif (The Reef zoals ze hier zeggen) en allemaal hebben ze een licentie voor een specifiek plekje. De goedkoopste was 60 A$ (1 $ = 0.6 Euro) en uiteindelijk bij het boeken hebben we er een genomen van 165 A$ p.p. waarbij je na anderhalf uur varen (60 km) bij een drijvend platform aankomt (4 maatschappijen hebben zo'n platform).

 

Rif was op zich wel mooi maar geen felgekleurde koralen zoals in de films van Jacques Cousteau. Wel veel mooie felgekleurde vissen. We hebben overigens alleen gesnorkeld en in een boot met glazen bodem gezeten. We zaten eerst nog te denken aan een halve dag, maar de zo'n dag is echt voorbij voordat je het doorhebt. De boot zat niet stampvol en er waren er nog wel een aantal bij die flink moesten overgeven tijdens het varen. Voor het eerst hebben we overigens in een Lycra-pak gesnorkeld omdat de crew graag maximale veiligheid voor haar gasten wilde (tegen de stingers, het is immers het seizoen). Je moest ze wel even huren a 6 $. Maar goed, het was allemaal goed georganiseerd, de lunch was goed en er was van alles bij te doen: helikoptervlucht (er stond een landingsplatformpje in het water), duiken, met een marinebioloog mee op snorkeltocht, etc.

De laatste avond in Cairns weer een beetje gewandeld, rondgehangen, gewinkeld en in onze inmiddels vaste bar (Rattle & Hum) gezeten waar ze Strongbow van de tap verkopen (Apple Cider Beer). Valt wel op dat iedereen die je daar aanschiet heel snel doorheeft dat je uit Nederland komt vanwege het accent. En dat ze altijd wel een verhaal hebben dat ze zelf een Nederlander hebben gekend/ontmoet. Ik heb inmiddels mijn eerste boek met reisverhalen over Australie uit: die van Bill Bryson die me was aangeraden door een oud-collega. Een aanrader.

12 t/m 18 december 2007

Langs de stranden van de oostkust: Cairns naar Fraser Island.

De route langs de oostkust is het laatste deel van onze vakantie. Beginnend in Cairns gaan we zuidwaarts langs de kust. Onze eerste stop was in Townsville, een plaats met ongeveer zoveel inwoners als Leiden. Bleek dat alles redelijk uitgestorven was en dat voor een doordeweekse dag. Aan "The Strand" (echt waar) hebben we een motel gevonden en in het tot nu toe beste restaurant gegeten (Watermark) in art-deco stijl en tussen de locals. Ook hier hadden ze een openluchtzwembad met strand wat tot 9 uur 's avonds open is, maar ook een hele mooie heuvel waar je 360 graden uitzicht hebt over het gebied. Lopend is deze heuvel bijna 3 km en veel mensen doen dit als een dagelijkse bewegingsoefening. Vandaag zo'n 350 km gereden en grotendeels gereden met veel wisselende landschappen.

 

De volgende dag zijn we naar Airly Beach gereden zo'n kleine 200 km verder waar we al vroeg in de middag waren. Dit is een drukke backpackersplaats en de vertrekplaats voor de Whitsunday Islands waar we de volgende twee dagen zullen zitten. De hele middag bij het mooie zwembad in ons resort gezeten, stadje beetje verkennen (1 hele drukke straat waar het allemaal gebeurd) en dus een beetje rust- en niksdoendag.

Daags erna vroeg op en nog 12 km naar de haven waar alle boten vertrekken voor de whitsunday Islands. Auto achtergelaten in een secure parking plaats en na een uurtje varen zijn we na een tussenstop op Day Dream Island op onze bestemming: Hamilton Island, en 1 van de 74 Whitsunday Islands zeg maar een soort van bounty-eilanden. Dure boottrip trouwens en op het eiland zijn alle excursies ook pittig geprijsd. De tijd vliegt om en we doen eigenlijk niets dan een beetje in zee zwemmen, aan het zwembad liggen (ligt er direct aangelegen) en een wandeling door het regenwoud hier waar we diverse kangaroos zien.

We hebben 's ochtends vroeg nog gesnorkeld omdat er een aantal kleine koraalrifs dichtbij liggen maar afgezien van een mantarog niets bijzonders gezien. En overigens hele mooie bungalows (die hier E 180/nacht kosten) met een mooie veranda waar je 's avonds lekker kan zitten en van de natuur genieten. Dat hebben we twee avonden gedaan en toen was het voorbij. Veel niets gedaan en gelezen.

Laatste ochtend op Hamilton Island uitgeslapen tot 9 uur en de boot terug van 11.45 waarna we rond 13 uur weer in de haven bij Airly Beach waren. Op het programma staat het Eungella National Park wat ongeveer 200 km verderop is. Er zijn in de provincie waar we zijn (Queensland) meer dan 200 nationale parken en Eungella staat in de top 5 van de meeste reisgidsen. We zijn er even na 15 uur en het is meer een soort nevelwoud. Erg mooi en op diverse plaatsen stoppen we of doen een korte wandeling. Bij een plek die Broken River heet blijven we wat langer want hier schijnen de Platypussen te zitten (vogelbekdier). We zien in ieder geval een behoorlijk aantal schildpadjes in de rivier en na een tijdje (je moet geen geluid maken) zien we inderdaad het vogelbekdier. Heel bijzonder en het wachten meer dan waard. Onze laatste wandeling in het park is bij de Finchman Gorge (kloof) maar daar lopen we maar heel kort. We zoeken daarom ook een overnachting dicht in de buurt. Het wordt de plaats Mackay. Heeft een mooi centrum met palmbomen maar het is een beetje uitgestorven. Misschien omdat het zondag is, maar heel veel toeristen hebben we er ook niet gezien.

We staan vroeg op in Mackay, ontbijten bij een winkelcentrum (waar de mensen 's ochtends al aan de hamburgers en patat zitten) en gaan dan op voor een lange dag met rijden. Oorspronkelijk zouden we vandaag in Rockhampton eindigen maar we gaan liever wat verder om de dag erna weer ruimer in onze tijd te zitten. Rockhampton is zo'n 330 km verder en daar zijn we rond 14 uur waar we bij een Visitor Center stoppen. Daar kun je informatie over de plaats en de streek krijgen. We blijken met Maria te praten wiens grootouders uit Nederland kwamen (Limburg). Ze gaat er binnenkort weer heen. Vol met allerlei informatie besluiten we om vandaag in een pittoresk dorpje te overnachten: Town of 1770 of het eraangelegen Agnes Water. We zijn daar even voor 17 uur en het zijn inderdaad dorpen: duizend inwoners en rustig. Er zou een hele mooie zonsondergang moeten zijn maar helaas is het muggie (heiig). Onze avond is dus lekker rustig. Er zijn nauwelijks dingen te doen en we komen 1 restaurant tegen waar we gaan eten: Thais. Weer eens wat anders zo'n dorpje. Ligt aan een groot strand maar zonder zon ziet dat er wat triest uit. Vandaag in totaal 550 km gereden, onze langste rit tot nu toe.

 

Vandaag rond achten opgestaan en een zwaar ontbijt in een van de weinige tentjes die er zijn en direct gelegen naast onze kamer. Ons reisdoel vandaag is Hervey Bay wat een 10 km lang strand heeft en vooral bekend is als toegangspoort voor de nabijgelegen attractie: Fraser Island. Dit is het grootste zandeiland ter wereld en staat op de World Heritagelijst. We nemen een mooie binnenlandse route, stoppen in het plaatsje Bundaberg (Bundy) en komen rond 13 uur aan in Hervey Bay. Het laatste uur begon het al te regenen en zo valt ons plan voor deze middag dus in het water. Niet aan het strand liggen maar uitgebreid lunchen, winkelen en internetten. Morgen hebben we een tourtje geboekt voor Fraser Island (waar je alleen met een 4WD kan komen) a 290 A$ (ofwel zo'n E 180). Laten we hopen dat het weer bijtrekt maar het is hier nu 18 uur en het is nog steeds muggie (heiig) zoals ze het hier noemen.

19-22 december 2007

Strand, stad en natuur

We zijn naar Fraser Island geweest met een slechte start qua weer maar het werd steeds beter. Gekrost met een 4WD-truck door de jungle op zandpaden die zo smal zijn dat de truck de bladeren van de bomen aan beide kanten raakt. En het zijn ook nog eens tweebaanspaden. Een keer vastgezeten aan het zand, maar de chauffeur (die tevens gids was) liet de banden leeglopen en na 3 pogingen konden we weer verder. Prachtige natuur, spectaculair om over het zand, door het zand en in het zand te rijden. En nog een aantal dingo's in het wild gezien.

De volgende dag hebben we uiteindelijk 450 km gereden. Het plan was om naar Lamington National Park te gaan (onze laatste van de reis) en dat is gelukt. We waren er om 15 uur en rond 18.30 waren we er weer uit. Prachtige wandeling door het nevelwoud gemaakt en we waren er helemaal alleen (alleen aan het eind 4 mensen gezien). Veel vogels horen fluiten, gelukkig geen slangen gezien maar wel meerdere wallabies. Janna bleek de betere spotter te zijn want zij zag ze iedere keer. Aan het eind nog een bloedzuiger van mijn broek gehaald (ik dacht dat ie zo mijn been in ging, maar het was mijn broek waar ie niet doorheen kwam). En aan het eind van de dag besloten om naar strand te gaan: de Gold Coast (was nog maar 40 km rijden). Eerst naar Broadbeach, maar was moeilijk leuke accomodatie te vinden en toen 4 km verder naar Surfers Paradise. Ook weer een zeer beroemde badplaats hier met grote woontorens. Maar heel levendig en gezellig hier. Valt op dat ze hier niet alle tentjes aan de boulevard hebben. Ik denk tot nu toe de drukste badplaats van onze hele vakantie.

 

Ochtend erna pannekoeken voor ontbijt bij een tent met de naam Pancakes in Paradise en tot een uur of 1 's middags hier gebleven. Weer prachtige stranden en zee maar op enkele plaatsen kun je maar zwemmen: sterke stromingen en stingers. Daarna zijn we binnendoor naar Brisbane gereden waar we om 15.30 een motel hadden gevonden zo'n 500 meter lopen van het centrum. Deze stad heeft 1,7 miljoen inwoners maar daar merk je niets van. Het centrum ligt aan een rivier en ook hier hebben ze een lagoon gebouwd met strand en wandelparken. Hartstikke gezellig. Iedereen hier aan het picknicken, BBQ-en of openluchtconcerten te bekijken. Wij ook, maar moesten nog even de vlucht voor overmorgen inchecken (en zitten dus nu dit verhaaltje te schrijven: het is hier vrijdagavond de 21e). Morgen onze laatste feitelijke dag want de dag erna is het auto inleveren enzo en wachten op ons vliegtuig.

22-24 december 2007

Laatste dag Brisbane en terug naar huis

Onze laatste vakantiedag hebben we wederom in Brisbane doorgebracht. 's Ochtends een stadswandeling en 's middags op het strand gelegen (Streetbeach) in de stad. En 's avonds weer vuurwerk vanwege de kerst. Heel gezellig.

 

We zijn sinds 24 december weer thuis na een terugreis van 26 uur. Mooie vakantie geweest, allerlei soorten natuur gezien, geweldig aardige mensen die Australiers en een relaxte sfeer. Naast twee binnenlandse vluchten hebben we in totaal 5400 km gereden wat gemiddeld neerkomt op 200 km per dag. Hoe hebben we deze reis ervaren?

Een zeer gevarieerde vakantie met grote steden, woestijn en leegte, mooie stranden en tropische regenwouden, en ook nog cultuur. Weer een aantal bijzondere diersoorten gezien en echt geweldig aardige mensen die contact zoeken en erg relaxed zijn: No Worries. Mooie temperatuur, lekker buiten leven en op zich nog redelijke prijzen. Toen wij er waren stond de koers op 1 Australische dollar voor 0,6 euro. Een hotel (2P zonder ontbijt) kost afhankelijk van de luxe en locatie tussen de E 40 en E 90,-. Avondeten in restaurant tussen de E 25 en E 60 (2 personen).

Bijzonder is dat alles schoon is. Je kan overal BBQ-en en er zijn overal openbare toiletten. Zijn er eigenlijk wel nadelen. Ja, de afstanden (je moet veel reizen om wat te zien), de BBQ's zijn op gas en staalplaat, de vliegreis is lang, de natuur die ze aan het vernietigen zijn (alhoewel het steeds beter gaat), en de trieste toestand van de aboriginals in de grotere dorpen. Last: de prachtige stranden waar je niet kan zwemmen vanwege de stingers.